Opzet
Voor een aantal opdrachtgevers hebben wij een 23-Dingen variant ontwikkeld met meer cursusdagen (en minder individuele studie). In een aantal workshops van een dagdeel krijgen de cursisten uitleg over sociale media en demonstraties die hen ondersteunen bij hun eigen verkenning van het sociale web. Tijdens de workshops en in de periode daartussen werken zij aan de Dingen, individueel en in kleine groepen.
Een model dat al een aantal keren succesvol is toegepast kent zes thematische bijeenkomsten van 3-4 uur. Elke keer worden specifieke toepassingen besproken vanuit een bepaald perspectief, zoals ‘webloggen door professionals’, ‘beeldmateriaal delen’, ‘praten met je publiek’ of ‘netwerken met collega’s. Toegesneden opdrachten wijzen de deelnemers de weg naar inspirerende voorbeelden en nodigen ze uit tot reflectie op de eigen praktijk.
Een eigen, besloten site voor de cursus behandelt 23 Dingen. Naast een korte uitleg zijn er voor elk Ding voorbeelden, opdrachten en mogelijkheden voor verdieping, wat het voor cursisten mogelijk maakt eigen zwaartepunten te kiezen. Deelnemers rapporteren over hun verkenning van sociale media en bevindingen naar aanleiding van de opdrachten op hun groepsblog.
Resultaat
De cursus biedt een grondige kennismaking met het sociale web en is door de mogelijkheden voor individuele invulling geschikt voor heterogene groepen. Aan het eind van het traject heeft elke deelnemer een goed overzicht van het sociale web en voldoende praktische kennis om allerlei eenvoudige handelingen te verrichten. Degene die het verdiepingsmateriaal hebben bestudeerd zijn bovendien op de hoogte van wat collega-instellingen doen en kunnen afwegingen maken voor gebruik van sociale media door de eigen organisatie.
De cursus is geschikt voor middelgrote groepen (15-25) waarin diverse afdelingen van een organisatie vertegenwoordigd zijn. De nadruk op samenwerking stimuleert de uitwisseling van ideeën en meningen binnen de groep, wat dikwijls uitmondt in concrete plannen voor gebruik van specifieke sociale media.
Praktisch
Deelnemers moeten toegang hebben tot een computer met moderne browser en geluidskaart. De cursus werkt geheel via het web, cursisten hoeven geen programma’s te installeren, wel mogelijkheden hebben voor ‘normale’ webactiviteiten (uploaden van foto’s, streamen van video/geluid, Flash).
Tijdsinvestering: een aantal bijeenkomsten van een dagdeel en ongeveer 3 uur zelfstudie per keer (afhankelijk van voorkennis en eigen invulling).
Kosten zijn afhankelijk van het aantal bijeenkomsten en het aantal deelnemers.
